Droogbloemen: enkele tips op een rij

Nog steeds populair én passend bij elke woonstijl: droogbloemen. Dat ze enorm makkelijk zijn in onderhoud is geen geheim. Maar welke bloemen drogen nu het beste en welke soorten style je tot een sierlijke krans? Hieronder enkele tips.

Tips

1. Ben je op zoek naar bloemen die na het drogen niet enkel hun kleur, maar ook mooi hun vorm behouden? Ga dan voor rozen(blaadjes), viooltjes, lamsoor en de zaaddozen van juffertjes-in-het-groen.

2.Pluk op een droge, zonnige dag. Het liefst rond het middaguur, als de dauw is verdampt en de bloemen mooi open staan.

3.Hang de bloemen in losse bosjes ondersteboven, op een warme, donkere en droge plaats, zoals een zolder.

4.Wil je je droogboeket lang mooi houden, zet het dan niet in volle zon, want daarvan verkleuren de bloemen.

5.Rode, blauwe, paarse, roze en gele bloemen houden hun kleur het gemakkelijkst, witte krijgen sneller een vage kleur.

6.Je hebt er wat geduld voor nodig, maar met strobloemen, lamsoor, Gomphrena, duizendblad en gipskruid maak je een op en top romantische krans.

7.IJle bloemen met sterke stelen zoals gipskruid, dille, venkel, (wilde) wortel en fluitenkruid staan prachtig op zichzelf, zonder vaas. Maak eerst kleine bundeltjes en bind die dan bijeen. Zet de stelen onderaan goed open, tot een brede, stabiele ‘voet’.

Het volledige artikel over droogbloemen ontdek je nu in Ariadne at Home 3. Fotografie: Tia Borgsmidt (House of Pictures).