COLUMN: Frans avontuur: smaak

Actrice Cynthia Abma en haar Belgische man Tom Raeymaekers kochten twee jaar geleden een oude, vervallen Franse boerderij. De enorme verbouwing is nog steeds aan de gang en levert heel wat smaakvolle anekdotes op.

Over smaak valt niet te twisten. Waarschijnlijk gaat het spreekwoord in Frankrijk anders, want de werklui hebben totaal geen moeite om hun mening te geven over onze smaak en al helemaal niet om hun bedenkingen kenbaar te maken. De loodgieter vindt de douche aan de kleine kant, de elektricien had toch andere schakelaars in gedachten en de tegelzetter vindt die handgemaakte Marokkaanse tegels maar onhandig onregelmatig. En dan hebben we het nog niet over die zwarte, inderdaad zwarte, keuken gehad. Aanvankelijk probeerden we nog geduldig uit te leggen waarom wij al die dingen wél zo leuk vinden, maar dat bleek onbegonnen werk. Er is duidelijk een verschil! Een verschil in smaak tussen NL en Frankrijk, tussen stad en platteland, tussen oud en nieuw.

Wij vinden ‘oude dingen’ zoals natuurstenen huizen, boerentafels, ruwe tegels of grootmoeders servies nu eenmaal erg leuk. Meteen een hoop karakter in huis en met wat geluk ook een beetje ziel. Op het Franse platteland ligt dat wat anders. Daar wil men graag nieuwe dingen. Modern, makkelijk, automatisch, maar ook vaak wat veilig en een beetje kleurloos. Eerst begrepen we daar niks van, maar ondertussen weten we een beetje waar dat vandaan komt.

Daarvoor moet je wel een paar keer tijdens de koude wintermaanden in een leuke, authentieke, maar kille boerderij hebben gelogeerd. Met zijn allen gezellig rond de houtkachel of de open haard, maar dan liefst binnen een straal van één meter. Buiten dat gezellige kringetje is het toch vaak 10 graden kouder. We snappen daarom nu veel beter die hang naar modern warm welbehagen zonder kierende ramen of tochtige kamers. Want als je bent opgegroeid in een klamme tienerkamer en ’s ochtends moet rennen naar een frisse badkamer, dan wil je later (als je groot bent) het wel iets anders regelen. Vandaar dat een heleboel Fransen op het platteland niet meer in zo’n authentieke, koude boerenwoning willen wonen.

De oplossing is een, in Frankrijk veel geziene, moderne woning. Een ‘plain pied’ genaamd. Wat zoveel betekent als een ‘gelijkvloers-huis’. Zeg maar een bungalow, maar dan wat uitgebreider. Opvallend vaak provençaals roze van kleur en voorzien van alle gemakken tot aan de oude dag toe. Grote kamers, goed geïsoleerd, geen trappen, een dubbele garage, vaak een zwembad in de grote tuin en een stevig tuinhuis voor alle spullen en de hout- of pelletvoorraad. Dit soort huizen staan geadverteerd vanaf 75.000€ all-in, inclusief kleur. Niet dat we even getwijfeld hebben, maar dat is een stuk goedkoper dan een oude boerderij renoveren. Veul goedkoper! Zo’n instap ‘plain pied’ is ook nog eens binnen 10 maanden af. Gegarandeerd. Dat is het enige waar we misschien wat dromerig over kunnen zijn. Om daarna weer gewoon stug door te gaan met onze verbouwing. Ik heb nog wel ergens een oud provençaals rose t-shirt liggen. Handig voor als we volgende week weer gaan verven. En avant, marche!